11/14/2007

Zelfkritiek

Mijn vorige weblog was geschreven enkele uren voor de bekendmaking van de AKO literatuurprijs. Rita Verdonk was ambassadeur voor het boek van Afth. Dat wil zeggen dat zij het boek op TV mocht aanprijzen. Aangezien ‘Het schervengericht’ deels in de gevangenis speelt en Verdonk vroeger gevangenisdirecteur was klonk het allemaal oprecht en overtuigend. Ik heb de kranten er niet op nageslagen, maar het zou me niet verbazen als enige literatuurkenners er schande van hebben gesproken – zo’n verderfelijke vrouw koppelen aan literatuur – maar ik vond het origineel en spannend.
Helaas vielen Frank Westerman, Dimitri Verhulst en Willem van Maanen kwa aandacht een beetje weg bij het ego geweld van Grunberg en Van der Heijden.
Daags erna verklaarde Grunberg dat hij het openbare literaire leven in Nederland van nu af aan zou mijden. Vrij clowneske uitspraak als je de media jarenlang uit en te na hebt gebruikt om jezelf te profileren, met als (naar nu blijkt) sluitstuk de act met de baby tijdens de uitreiking van de AKO. Je zou zeggen dat zijn boeken goed genoeg zijn om het zonder al die onzin te stellen.
Zelfkritiek is ver te zoeken in bekend Nederland dezer dagen. Een verontwaardigde Daphne Deckers valt een ‘journalist’ van Story aan omdat hij onzin over haar en haar gezin schrijft. Het zal ongetwijfeld heel irritant zijn, maar hypocriet is het ook, want diezelfde roddelpers wordt wel uitgenodigd op haar boekpresentaties. De journalist in kwestie laat zich ook van zijn geestigste kant zien en daagt haar voor de rechter omdat ‘je je woede ook op duizend andere, fatsoenlijke manieren kan uiten.’ Let vooral op het woordje ‘fatsoenlijk.’
Georgina Verbaan , die een paar jaar geleden nog naakt in de Playboy stond, verklaarde vandaag dat zij de aanval van Deckers wel kan billijken omdat zij ook zo’n last heeft van de roddelpers. Maar ja, als je met ranzige mensen in zee gaat, moet je niet raar opkijken dat ze je blijven stalken. Die bladen zijn de maffia; Deckers en Verbaan zijn de ‘slachtoffers’ die eerst geld van ze hebben geleend en, nu ze zelf geld genoeg hebben, hun handen in onschuld proberen te wassen.
Over het echte maffiawerk (en over het gebrek aan zelfkritiek) zag ik eergisteren het eerste deel van een boeiende tegenlicht-documentaire over de ‘rise and fall’ van Enron. De makers volgen de drie hoofdrolspelers, Lay, Skilling en Fastow, die het Amerikaanse energiebedrijf groot maken, maar daarbij ook vals spelen. De enorme winsten die Enron maakt, blijken alleen op papier te staan. Wat begint bij een leugentje wordt uiteindelijk een klassiek drama waarin het bedrijf failliet gaat en de directeuren veroordeeld worden tot lange gevangenisstraffen.
Misschien is dat de les die je hieruit moet trekken: een beetje zelfkritiek kan geen kwaad. Ook, of misschien wel juist, als je succesvol bent.