Posts tonen met het label reünie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label reünie. Alle posts tonen

10/07/2013

Reünie 2


Er zijn twee groepen mensen die niet naar reünies gaan: mensen die zichzelf niet geslaagd vinden en mensen die zichzelf zo geslaagd vinden dat ze menen er geen tijd voor te hebben. De rest was er afgelopen zaterdag wel bij: de reünie van de jaren 79 tot 85 van het Groninger Studenten Corps.
Toen ik de hal van de societeit binnen kwam werd ik binnen een seconde weer mijn studententijd ingezogen. Niet zozeer door het gebouw dat nog hetzelfde was; niet zozeer door de mensen in de rij die ik na dertig jaar weer begroette, maar vooral door de geur. Geur roept meer dan wat ook herinneringen op. En zeker de geur van een studentensociëteit. Voor de mensen die er nog nooit geweest zijn: het is een melange van verschraald bier, kots, zweet en pis.
De vergankelijkheid hield zich op de achtergrond. Goed, sommige lijven hadden wat meer last van de zwaartekracht gekregen, maar verder viel het me op dat we er nog min of meer hetzelfde uitzagen.
Of was dat omdat er alleen mensen naar reünies gaan die zichzelf durven te tonen? Zat de rest met hangbuiken, gerimpelde hoofden en kale koppen thuis?
Zoals dat gaat met vrienden die je heel lang niet gezien hebt, gingen we verder waar we dertig jaar geleden waren opgehouden. Eigenlijk was het een normale kroegavond: er werd wat geschreeuwd, er werd gedronken, er werd wat geflirt, een paar kerels van vijftig hingen naakt in de kroonluchter: niks bijzonders. Of het moet zijn dat deze mannen inmiddels verantwoordelijke banen hebben, maar daar merkte je op deze avond in ieder geval niets van.
Dat is ook de charme van reünies: doen alsof er niets is veranderd; alsof de toekomst nog open ligt; alsof je nog steeds een belofte bent die ingelost gaat worden.
Of misschien moet je het zo zeggen: je bent iets kwijt, maar je doet even of het niet zo is.

9/24/2012

Reünie


Het gebouw was nieuw, maar de weg er naartoe was hetzelfde gebleven: het kruispunt met de N 65, het fietspad langs Regina Coeli; de parkeerplaats.
Ik vroeg me af hoe vaak ik die weg gefietst had; naar en van school. Ik kwam op anderhalf duizend keer, maar rekenen is nooit mijn sterkste vak geweest.
Ik vroeg me ook af wat ik allemaal dacht onderweg en realiseerde me weer eens dat alles wat je niet vastlegt gewoon verdwijnt. Misschien is dat wel de essentie van een reünie: dat je samen probeert vast te houden wat aan het wegglijden is.
De mensen die ik sprak waren gaan doen wat in de lijn van mijn verwachting lag: het knapste meisje van de klas was met een expat getrouwd; de jongen die vroeger altijd de sterkste wou zijn zat nu in het vastgoed; het dromerige meisje deed iets met concepten.
Ik realiseerde me hoezeer je op de middelbare school al samenvalt met wie je later bent.  Alsof je in de jaren daarna alleen maar  ‘aangescherpt’ wordt. Het voelde vertrouwd, alsof we doorgingen waar we dertig jaar geleden waren opgehouden.
Er werden foto’s gemaakt, nummers uitgewisseld, er werd gepraat over mensen die er niet waren. Omdat ze niet konden, of omdat ze onvindbaar waren of dood (omgekeerd zag ik iemand lopen van wie ik zeker wist dat ze allang overleden was).
Nostalgie is er alleen voor mensen die het zich kunnen permitteren.
Later op de middag was er in het muzieklokaal een aparte bijeenkomst van het voormalige popkoor. Toen we, for the sake of all time, schoorvoetend probeerden ‘When I’m sixty four’ te zingen, bleek  iedereen, binnen een paar maten, zijn partij nog uit het hoofd te kennen. Is het geheugen willekeurig of onthou je juist wat je belangrijk vindt?
Toen ik naar huis ging was het al donker. Ik liep langs het veldje waar vroeger de noodlokalen van gang acht stonden, langs de snackbar die vroeger Tien Plus heette naar mijn auto. Iets verderop stonden een jongen en een meisje te zoenen. Het was alsof het erbij hoorde.